Aan de Zuidzijde, bij die legervoertuigen!

Dit artikel is gepubliceerd in de Hoeksche Waard Exclusief van 27 februari 2018 (website HWE). U kunt dit artikel downloaden in PDF-formaat: HWE-Legervoertuigen-27feb2018
,,Daar aan de Zuidzijde. In de buurt van die legervoertuigen!”. Een vaak gebruikt baken voor routebepaling, een direct gevolg van de hobby van de broers Stefan (30) en Remco (24) Prooij. Voor omwonenden en passanten vormen de groene kolossen een vertrouwd beeld in het Nieuw-Beijerlandse buurtschap.
Het begin
Leg eens uit, hoe is dit allemaal begonnen?
Stefan: Rond mijn veertiende jaar, ik deed toen altijd mee aan de huttenbouw in Oud-Beijerland, zag ik dat één van de helpers van de scouting zo’n ding in bezit had. Hij had ‘m helemaal zelf opgeknapt, een prachtig exemplaar. Ik vond dat hartstikke vet en nam me voor dat dit mijn eerste auto zou zijn. Het duurde uiteindelijk tot ik 20 jaar was, maar toen was het eindelijk zo ver!
Remco: En ik zag dus dat exemplaar mijn broer, het virus is snel op mij overgeslagen. Ook ik nam me voor er ooit een te bezitten. Vier jaar geleden heb ik samen met een vriend een eigen YA-126 kunnen aanschaffen.
Een YA-126?
Stefan: Dat is het type van deze legertruck, geproduceerd in de jaren vijftig. In de volksmond wordt dit een ‘wep’ genoemd. Deze truck is gemaakt in verschillende uitvoeringen. Wij bezitten de algemene vrachtwagen, een zogenaamde standaard weapon carrier.
Remco: En onlangs heb ik ook nog de uitvoering ‘radiowagen met stalen opbouw’ aangeschaft. We bezitten nu dus drie exemplaren. De radiowagen is uitgevoerd met een lier, dat was een grote wens. Je hebt niet echt terrein gereden als je niet hebt vast gezeten, zeggen wij altijd. En dan komt een truck met een lier altijd van pas.
Met diverse aanhangers erbij een hele verschijning zo langs de dijk. Waar kopen jullie die voertuigen?
Remco: Gewoon speuren op internet, ze zijn nog aardig verkrijgbaar. Vanaf 1980 werden ze vervangen door het leger en zijn ze op de particuliere markt terecht gekomen. Ook de onderdelen zijn nog goed verkrijgbaar, die zijn destijds door enkele partijen opgekocht en worden nu nog steeds verhandeld.
Bezit en onderhoud
Je moert er wel verstand van hebben toch? Bezit is één ding, maar onderhoud….
Remco: Vaak is het een kwestie van logisch nadenken, er zit gelukkig weinig elektronica in. Ik bezit enkele handboeken en mijn opleiding ‘Voertuigentechniek’ aan de Technische School (Actief College) helpt ook mee uiteraard. Op het Zadkine ben ik daarmee nog verder gegaan, waardoor ik nu ‘Eerste Autotechnicus’ ben.
Stefan: Ik heb mijn studie Scheikunde in Delft na vier jaar afgebroken, veel te theoretisch allemaal. Ik vond de wep veel interessanter, in 2007 ben ik in Zuid-Beijerland begonnen met ‘Motorvoertuigen Prooij’, gespecialiseerd in Landrovers. Inkoop, verkoop, reparatie en onderhoud. Dat is mijn passie, momenteel wordt zelfs een nieuw pand gebouwd. Ik heb klanten uit heel Nederland en ook uit België.
Hoe zuinig zijn jullie op jullie groene bezit?
Remco: Het zou beter zijn als ze ergens binnen konden staan, maar daarvoor ontbreken ruimte en financiële middelen. Het is dus belangrijk om ze goed in de verf te houden, anders gaan ze roesten.
Stefan: Maar we gebruiken ze wel intensief hoor. Sommige gebruikers raggen ze af, anderen behandelen ze als museumstukken. Wij zitten daar tussenin. We willen dat ze in goede staat zijn, maar scheuren er ook graag mee door het terrein.
Een specifiek type & het verbruik
Vanwaar de keuze voor dit specifieke type? Zou je niet liever een exemplaar uit de Tweede Wereldoorlog bezitten?
Remco: Alles uit WO2 is meteen tien keer zo duur, dat is dus geen optie.
Stefan: En dit is een Nederlands product, een DAF. Om die reden leuk om te bezitten. Verder speelt de grootte een rol bij de keuze voor dit type. Veel imposanter dan bijvoorbeeld een jeep, en nog steeds zonder groot rijbewijs te besturen.
Jullie bezitten nu dus drie exemplaren, wat is de staat van jullie wagenpark?
Stefan: Nu weer prima. De motor in mijn wep deed het niet meer, Remco heeft er nu een andere motor in gehangen. Afkomstig uit zijn radiowagen.
Remco: Mijn exemplaar is ook in prima staat. Maar de radiowagen heeft nu een defecte motor door de omwisseling, daar ga ik de komende tijd eens naar kijken.
Wat vormt de grootste kostenpost van jullie bezit?
In koor: Brandstof!
Stefan: Toen mijn motor steeds slechter werd zat ik qua verbruik op 1:2.
Remco: Het normale verbruik ligt ongeveer op 1:3,5. Nog steeds veel dus, en we rijden er best veel mee. Maar we betalen geen wegenbelasting en hebben een oldtimerverzekering. We zijn ook niet APK-plichtig. De bezitter van zoiets moois vertroetelt zijn bezit, zo redeneert men.

Kinderfeestjes en wensen
Wat doen jullie nog meer met de wagens?
Remco: Ik gebruik ‘m voor de scouting Oud-Beijerland. Bij zomerkampen een ideale vrachtwagen, ik rijd ook rondjes tijdens evenementen. Het nadeel is dan dat je allemaal gillende kinderen achterin hebt, haha.
Stefan: Waar we ook zijn, je krijgt ook altijd reacties van ouderen. Veel mannen kennen dit exemplaar uiteraard nog van hun militaire dienstplicht.
Lenen jullie ze wel eens uit?
Remco: Nee hoor. Maar ze zijn wel te huur, met chauffeur. Uitstapjes, dagtochten, kinderfeestjes. Zelfs als trouwauto worden we ingezet. De opbrengsten gebruiken we voor het onderhoud.
Staat er nog iets op jullie wensenlijstje?
Remco: Ik heb pas een wens vervuld. Mijn hele familie rijdt motor, ik heb pas mijn motorrijbewijs gehaald. En meteen een motor gekocht. Uiteraard afkomstig uit het leger, een Moto Guzzi V50 Nato uit 1981.
Stefan: Er bestaat een groter type van de YA-126, dat is de YA-328. Een middelzware wagen, een stuk groter. Je moet daar alleen wel je vrachtwagenrijbewijs voor halen. Wie weet wat de toekomst nog brengt!

DAF YA-126
Ruim zestig jaar geleden ontstond bij de Landmacht de noodzaak om het rijdend materieel te vervangen. De gebruikte voertuigen, na de Tweede Wereldoorlog verkregen uit de voertuigdumps van de Geallieerden, vormden een combinatie van Engelse en Amerikaanse types. Om het onderhoud en de aanvoer van reserveonderdelen betaalbaar te houden werd standaardisatie noodzakelijk. DAF ontving een grote regeringsorder voor diverse voertuigen, van de DAF YA-126 werden 3.496 stuks gebouwd en geleverd. De kostprijs van de 126 bedroeg 25.000 gulden. In het leger had dit type de bijnaam ééntonner, maar ook werd gesproken van een Wep (weaponcarrier). De typeaanduiding (YA-126) werd als volgt samengesteld: Y = militair voertuig, A = algemeen, 1 = laadvermogen in tonnen, 2 = de serie en 6= het aantal wielen.

Updated: mei 21, 2020 — 9:14 am

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.