Families Hanney en Clark bezoeken Oud-Beijerland

Dit artikel is gepubliceerd in de Hoeksche Waard Exclusief van 15 mei 2018 (website HWE). U kunt dit artikel downloaden in PDF-formaat: herdenking-wo2-obl-hwexclusief-mei2018

‘Ook al zijn schoolvrienden sneuvelden’

Herdenken is nog steeds belangrijk in Nederland, ‘opdat wij niet vergeten’. De verschrikkingen uit de Tweede Wereldoorlog mogen niet worden vergeten, zo leren we onze jeugd. Ieder jaar komen ook buitenlanders naar Nederland, om de hier gesneuvelde familieleden te herdenken. Zo ook op 26 mei 2018, wanneer de families van Bob Hanney en Hugh Clark afreizen naar Oud-Beijerland.

Vier leden van de familie Hanney komen vanuit Eastbourne en Liphook naar Nederland. Roy Gordon Hanney met vriendin Nadine Everest, ook zijn dochter Judy en zijn oudste zoon Graeme zijn van de partij. Roy is 90 jaar, hij verheugt zich op het bezoek aan Nederland: ,,Robert, roepnaam Bob, was mijn enige broer. Geboren in 1924, in Bristol, in het zuidwesten van Engeland.

Bij de foto: Op 18 april werd Roy Hanney (in het midden, blauwe trui) 90 jaar. Hij vierde dat met zijn familie in het Langham Hotel te Eastbourne.

Hij was een graag geziene figuur en gek op sport. Hij speelde in het plaatselijke rugbyteam en deed namens zijn school mee aan bokswedstrijden. Op de cadettenschool beoefende hij alle mogelijke sporten, op zijn zeventiende gaf hij zich op voor de vliegopleiding van de Royal Air Force. Nog voor zijn achttiende verjaardag werd hij opgeroepen, hij werd opgeleid in Brighton en Cambridge. Zijn pilotenopleiding kreeg hij in Canada, in januari 1944 keerde hij terug naar Engeland. Hij werd ingedeeld in het 80 squadron in Manston, Kent. Vanaf mei werd hij ingezet en vloog hij over het bezette Europa. Bij zijn laatste missie, op 18 september 1944, kreeg hij van Bomber Command de opdracht om aanvallen uit te voeren op Duits luchtafweergeschut. Dit ter bescherming van de hoger vliegende toestellen met parachutisten en materiaal, die deelnamen aan de operatie Market Garden (Slag om Arnhem). Volgens onbevestigde berichten is hij zelfs onder een brug doorgevlogen, maar de Duitse ‘Flak’ kreeg hem toch te pakken. Het nieuws kwam hard aan, mijn ouders Charles en Dora ontvingen op hun adres in Weston-super-Mare al op 19 september een telegram. ‘Missing in action, believed killed’ (vermist, waarschijnlijk overleden). Pas in juli 1945 werd zijn dood bevestigd door de R.A.F., met daarbij de plaats van zijn overlijden. In september 1946 reisden mijn ouders af naar Strijen en bezochten zij zijn graf. Ze werden zeer gastvrij ontvangen door burgemeester Bolman en diens echtgenote. Die ontvangst betekende veel in een hele moeilijke tijd. Ook alle schoolvrienden van Bob sneuvelden in deze oorlog. Drie eveneens in de R.A.F., twee in de landmacht en één in de marine. Zelf heb ik zijn graf drie keer eerder bezocht. In 1953 en 1975, mijn zoon Graeme was er in 2004 ook bij. Op 26 mei zijn we aanwezig bij de herdenking bij het ‘Monument Luchtoorlog Hoeksche Waard 1940-1945’. Mooi om de initiatiefnemers van dit monument en deze herdenking eens te ontmoeten. We zijn hen erg dankbaar. Ook veel dank zijn wij verschuldigd aan de inwoners van het dorp Strijen. De R.A.F-graven daar worden al zo lang zo respectvol onderhouden, het betekent nog altijd heel veel voor ons.”

‘Herdenkingen getuigen van veel respect’

Alice en Michael Wood wonen in Epsom, Surrey, niet ver van Londen. Op 26 mei zijn ze aanwezig bij de herdenking in Oud-Beijerland. Hugh Clark, de oom van Alice, staat op het ‘Monument Luchtoorlog Hoeksche Waard 1940-1945’.


,,Ik heb mijn oom nooit gekend. Hugh Maxwell Clark was de jongere broer van mijn vader. De verhalen over het overlijden van mijn oom heb ik gehoord van mijn vader, die tijdens de Tweede Wereldoorlog eveneens in de R.A.F. (als Spitfire-piloot) actief was. Oom Hugh werd geboren op 2 september 1916 in Hong Kong. Hij groeide op met een oudere broer en jongere zus. Toen hij 5 jaar was verhuisde zijn moeder naar Engeland. Ze kocht een huis in de buurt van Ashford (Kent), daar groeide de familie op. Zonder vader, die bleef achter in Hong Kong. Hugh ging naar een kostschool in Tonbridge, later naar de universiteit van Cambridge. Hij was een ondernemend en populair persoon. Hij studeerde aanvankelijk Frans en Duits, later switchte hij naar Engelse literatuur. In 1938 studeerde hij af en kwam in Joegoslavië terecht. Via een Joegoslavische vriend van de universiteit kwam hij in contact met een rijke familie in Belgrado, hij werkte als privéonderwijzer voor die familie. De familie van zijn vriend had een villa in Cavtat, een badplaats in het zuiden van Kroatië. Als de oorlog niet was uitgebroken zou Hugh zich vermoedelijk daar hebben gevestigd, hij was gek op Joegoslavië. Kort voor de start van de oorlog keerde hij terug in Engeland. Hij meldde zich aan bij de Royal Air Force, op 7 augustus 1941 schreef hij zijn moeder over zijn bevindingen van de eerste dagen op het vliegveld. De volgende dag maakte hij voor het eerst een vlucht mee, als waarnemer. Het was meteen zijn laatste vlucht, zijn Blennheim bommenwerper stortte neer nabij Strijensas. Ik en Michael kijken erg uit naar ons bezoek aan Nederland in mei. Op mijn vijftiende was ik voor het eerst in Strijen, samen met mijn vader. Hier in Engeland zijn we onder de indruk van de manier waarop in Nederland wordt omgegaan met de graven van onze familieleden. De herdenkingen getuigen van veel respect, dat wordt enorm gewaardeerd.”

Updated: mei 22, 2020 — 9:34 am

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.