1975 – De restauratie van Kade 2

Toen de beslissing eindelijk was gevallen begon de restauratie van het pand in 1975. Tijdens het feest 450-jaar Piershil, in juni, stond het pand nog in de steigers, maar in september konden de Piershillenaars al genieten van hun nieuwe visitekaartje.

Artikel ‘Pand Kade 2 in oktober gereed’ – 17 februari 1975.

PIERSHIL – ,,Tegen de vlakte er mee.”, zei de één. ,,De fik d’r in.” riep de ander. ,,Opknappen,” besliste de gemeenteraad en bedoelde daarmee het pand aan Kade 2 in Piershil.

En zoals de autoriteiten het uiteindelijk voor het zeggen hebben gebeurt: sinds twee weken zijn werknemers van het aannemersbedrijf Huurman B.V. druk in de weer om voor oktober het pand gerestaureerd en al op te leveren. Maar niet de gemeenteraad alleen had het voor het zeggen. Monumentenzorg in Zeist sprak ook een woordje mee. Tenslotte beslist zij over het verlenen van subsidie.

Plershillers weten dat er heel wat aan het pand moet worden opgeknapt. Een woordvoerder van het verantwoordelijke architectenbureau in Brielle weet de werkzaamheden kernachtig uit te drukken: ,,Inhalen van achterstallig onderhoud”. 

Dit zo fraai genoemde ,,achterstallige onderhoud” behelst behalve het vernieuwen van het gehele dak ook nog het versterken van de fundering van de oude bakkerij, wil het pand niet als een pudding in elkaar zakken. De steunbalken zijn hier en daar totaal ingerot en zijn eveneens aan vernieuwing toe en over de trap naar de verdiepingen zullen we nog maar zwijgen.

,,Inderdaad, een grote puinhoop, zoals het nu is”, beaamt de architect, De aannemer geeft toe dat slopen zonder meer goedkoper zou zijn geweest. ,,Maar ja, de overheid verleent genoeg subsidie om het opknappen de moeite waard te laten zijn.

Kosten

De Kosten van de restauratie gaan voor een zo’n kleine gemeente als Piershil naar een wel haat astronomische hoogte: f 484.000,-. Daar komt de centrale verwarming nog bij, dus rondt maar af op een half miljoen gulden. In het kader van de verfijningsregeling voor monumenten krijgt Piershil 30% van de investering in 25 jaar uitbetaald, terwijl de overheid in het kader van de werkgelegenheidsobjecten daar nog 48% op toelegt. Snelle rekenaars die zouden zeggen dat er f 110.000,-  overblijft dat door de gemeente moet worden betaald hebben het echter mis, want dan komt er nog een renteverlies bij en gemeentesecretaris J. N. van der Ree komt na enkele ingewikkelde berekeningen op ongeveer een kleine twee ton. Maar de Piershillers kunnen gerust mee zijn. Het pand wordt aan de aannemer verkocht voor ongeveer f 180.000,- en met een beetje geluk hoopt de gemeente quitte te spelen.

Waarde

Toch blijft de vraag over welke criteria worden gehanteerd om tot het besluit te komen een pand, die in ’n dergelijke ruïneuze puinhoop verkeert ais Kade 2 op de lijst van monumenten te plaatsen. ,,Historische waarde”, dit blijken haast magische woorden te zijn. Monumentenzorg blijkt vrij gauw uitgepraat als om een meer precieze argumentatie wordt gevraagd. Het komt vooral neer op de zo fraaie voorgevel, daarnaast is het één der Piershise oudste panden gedateerd uit 1664, zoals op de gevel vermeld staat.

Geschiedenis

Do oudjes in de bejaardensociëteit ,,De Ark”, die voorheen in het pand Kade 2 was gevestigd, weten het ook niet meer goed. ,,Vroeger was het de drukst bezochte winkel van het dorp”, weet een rasechte Piershiller te vertellen. ,,De ouwe Bezemer had er een kroeg, maar da’s wel erg lang geleden nu”, peinst hij, ,,wel zeventig jaar, meneer. Maar ik kan het me nog wel herinneren, beregezellig daar. Toen was Ik een jaar of zestien, mocht er eigenlijk nog niet komen van pa, maar goed, je ging toch. Dan hoorde je de verhalen aan van de vele schippers die dan In de haven hadden aangelegd, dat was lachen geblazen hoor”.  De kleindochter van de ,,ouwe Bezemer” woont nu in een woning achter het pnd. Zij en haar man Jan van der Merwe, waren de laatste bewoners. Toen het pand te bouwvallig werd sloot ze de winkel in kruidenierswaren en vertrok. Vanaf 1962 staat het leeg en is de gemeente er eigenaar van. Op haar dressoir heeft Mevrouw Van der Merwe nog een beker staan met te naam van de naar haar weten oudst te achterhalen bewoner van Kade 2. Bastiaan van Eeren staat erop, geboren in 1796. ,,Een Bezemer trouwde met van Eeren”, weet zij te vertellen”, zodoende is het pand in ons bezit gekomen.

De uitvoerder van de restauratie, P. Verleg

Na de restauratie vertelde P. Verleg, de uitvoerder: ,,Alles is eigenlijk aan dit pand veranderd. Alleen de voorgevel is blijven staan en de balklaag met de spanten zijn nog zoals zij waren. De rest is zoveel mogelijk met het oude materiaal en in oude stijl opgetrokken. De waterput is gedeeltelijk vernieuwd. In de vroegere winkel liggen nog de oude plavuizen. Voor de vloeren in de andere ruimtes hebben we nieuwe plavuizen, de zogenaamde Kortrijkse genomen. Beneden zijn overal tegelplinten gelegd. Er is een eiken spiltrap en in een van de kamers is een open haard. We hebben allemaal oude dakpannen genomen. Die niet goed meer waren, hebben we door dakpannen, ook oude van elders vervangen. Het is jammer, dat je niet kan zien, hoe het geweest is. Het was een chaos, en een bende, je houdt het niet voor mogelijk, Je durfde nauwelijks op de zolder te lopen en de trap beklimmen was een gevaarlijke zaak. De oude bakkerij hebben we omgebouwd tot binnenplaats. Dan hebben de bewoners toch nog een beetje privacy. Bij de keuken hebben we nog de houten gevel gehandhaafd; dat behoort wel bij de oude bestrating van de binnenplaats. Als het pand verder van de weg af zou liggen, dan zou het veel meer waard zijn.”

Foto’s ‘Restauratie van Kade 2’ – 1975

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.