De smederij van Gerrit en Marrigje

In de Voorstraat van Piershil was de smidse eerst gevestigd aan het begin van de linkerzijde, komend vanaf de dijk.

Foto’s  ‘Aan het begin van de linkerzijde’

Deze foto werd gemaakt in september 1962.

piershil-voorstraat-smederij-sept1962

Deze foto uit begin jaren zestig toont zowel de smederij als de winkel (rechts). Boven de etalage staat iets als ‘yzerwinkel’ (?).

piershil-rinusbokhout-racewagen-01

Arie de Ruiter aan het werk in de oude smederij, aan het begin van de Voorstraat.

piershil-oudesmederijgerritvdkuil-ariederuiter

Knipsel ‘Beleefd aanbevelend’ – oktober 1945

gerrit-vd-kuil-okt1945

Foto ‘ronde steen’ – 2010

Voor het pand is nog altijd de ronde steen te zien die behoorde bij de smederij. De smid moest in de houten wielen die waren gemaakt zowel een stalen pot voor de as aanbrengen alsmede er een zware ijzeren band omheen leggen. Daartoe werd het wiel plat op de grond gelegd en het meten van de maat werd een stuk bandijzer afgehakt. Dat werd in de vorm van een hoepel gebogen en de uiteinden werden aan elkaar gesmeed. Deze moest iets te klein zijn want na verhitting zette hij uit en werd de band met grote tangen om het wiel werd getrokken. Door het schroeien van het hout ontstond daarbij een flinke rook. Na afkoeling zat de ijzeren band stevig om het wiel gekrompen, maar werd voor de zekerheid toch met een paar schroeven vastgezet.

Ook C. de Pijper kan zich deze steen (in september 2014) nog herinneren: “Deze steen lag vroeger naast de ingang van de oude smederij van Gerrit van der Kuil. De kern van de steen is gewoon ingestort beton, welke is gestort na het in onbruik geraakte wagenwiel. De smid smeedde een stalen band, welke iets kleiner was als het houten wiel, in het vuur rood gloeiend. Daardoor zette de stalen band uit. Vervolgens werd het houten wagenwiel in de ronde kuil gelegd en liet men met behulp van tangen de stalen band over het wiel zakken. Als de band op zijn plek zat werd de kuil snel met water gevuld, zodat de stalen band kromp en muurvast om het houten wiel kwam te zitten”.

piershil-voorstraat-smederij-22feb2010

Knipsel ‘Bedrijf opgeheven’ – 23 februari 1979

piershil-einde-smederij-vdkuil-1maart1979

Deze smederij werd eerst gedreven door Van Wingerden, daarna door zijn schoonzoon J. de Graaf en tenslotte vanaf 1940 door Gerrit van der Kuil. De familie Van der Kuil verhuisde het bedrijf naar de midden van de Voorstraat door in 1962 een nieuw huis te betrekken (Voorstraat 17). Naast de woonkamer werd een mooie winkel met glas- en aardewerk, elektrische gebruiksvoorwerpen, luxe artikelen, kachel, tuingereedschap etc. in gebruik genomen. Achter die woning is in 1963 de nieuwe smederij in gebruik genomen. Dat is goed te zien op de luchtfoto’s uit 1978 en 1979: aan de voorzijde het woonhuis met de winkel, aan de achterzijde de smederij.

Luchtfoto’s winkel en smederij – 1978 en 1979

piershil-luchtfoto-smederij-1978 piershil-luchtfoto-smederij-1979

 

Er hangt nog altijd een hoefijzer aan de voorzijde van het pand welke herinnert aan de daar gevestigde winkel. De twee ramen rechts zijn weer zoals het huis oorspronkelijk was; ten tijde van de winkel van de Firma vd Kuil zat daar een etalageraam zoals op de foto uit 1975 is te zien: eerst het café, dan de bakker, dan een woonhuis en dat de etalageruit van de winkel van de fa. Van der Kuil.

Foto ‘Voorstraat 13 in de dertiger jaren’

Op dit familiekiekje uit de jaren dertig is links van de dames (in het midden Dien Kleynenberg, rechts Neeltje Dirkje Poldervaart-Ruitenberg. De vrouw links is waarschijnlijk een zus van Neeltje) het pand te zien waar later de winkel werd gevestigd.

piershil-dames-poseren-jarendertig

Foto Voorstraat Piershil – 1975

piershil-voorstraat-smederij-1975

Foto Klederdracht – 1975

Marrigje van der Kuil poseert voor de winkel in 1975. Zij was de enige die zich voor het feest niet hoefde om te kleden!

piershil-450-kostuums-marrigjevdkuil

Foto’s ‘De smid in actie’

Tijd voor nieuwe hoefijzers. rechts Gerrit van der Kuil, links Toon Achterberg.

piershil-smederij-gerritentoon-01 piershil-smederij-gerritentoon-02

Foto’s ‘smederij’ – 2010

piershil-smederij-22feb2010-02 piershil-smederij-22feb2010-01

De winkel en de smederij werden gedreven door broer en zus Gerrit (geboren in 1905) en Marrigje (geboren in 1906) Van der Kuil. De muur achter de toonbank puilde uit van kleine vakjes met daarin altijd de spullen die je zocht. Wanneer een klant Gerrit trof in de winkel, meestal was Marrigje aanwezig, werd er bij het doorgeven van de bestelling altijd gevraagd “waar is het voor?”. Altijd volgde dan een ongevraagd maar welgemeend advies hoe de zaak aan te pakken. Gedurende de oorlog werden in hun huis spullen van het verzet verborgen en werd de illegale verzetsrant ‘Trouw’gedrukt. Ook onderduikers konden hier terecht. Na de oorlog kwam de Canadese piloot Ken Dugdale terug om hen daarvoor te bedanken.

Gerrit en Marrigje van der Kuil hebben hier gewoond tot hun overlijden, kort na elkaar in 1979. Het pand werd later overgenomen door de familie vd Wagt. De loods aan de achterzijde werd gebruikt als timmerwerkplaats en als opslag voor de aannemerij. De loods wordt nog altijd als zodanig gebruikt.

De winkel en de smederij waren een begrip in de Hoeksche Waard. Ook daarbuiten bleek later want toen Rien Poortvliet in 1975 een boek uitbracht met tekeningen over het ‘boerenleven’ prijkte Gerrit Van der Kuil zelf op de voorpagina, samen met een paard (rechts onder op de voorpagina). Enkele jaren daarvoor, op 16 januari 1973 verscheen er in de krant “het Zuiden” aan artikel over de Firma van der Kuil te Piershil.

Afbeelding Voorpagina Te hooi en te gras – 1975

piershil-smederij-tehooientegras

Artikel ‘Het Zuiden’ – 16 januari 1973

piershil-gerritvdkuil-hetzuiden-16jan1973

In Piershil heeft hoefsmid nog genoeg werk te doen

In de loop der jaren zijn veel van de echte oude ambachten verdwenen. De nieuwe tijden eisten een andere aanpak. En voor zover men niet te oud was moest men of moderniseren of ermee ophouden. In het plaatsje Piershil in de Hoeksche Waard maakten we kennis met de heer V.d. Kuil, een smid van de oude stempel, die het moderne met het oude heeft gecombineerd. Naast het repareren van moderne landbouwwerktuigen beslaat hij nog regelmatig paarden. Iets wat de tijden heeft getrotseerd en heden ten dage nog net zo gebeurt als vroeger. Hij vertelt ons: “Als 13-jarige jongen ben ik in de leer gegaan bij een smid die mij het vak tot in de puntjes bijbracht. Ook het beslaan van paarden. Dat was vroeger één van de belangrijkste werkzaamheden van een smid. In 1940 heb ik me hier in Piershil gevestigd. Ik kon toen deze smederij overnemen. En al ben ik nu 66 jaar en kan ik eigenlijk – als ik dat zou willen – van m’n AOW gaan leven, liever ga ik toch nog maar wat jaartjes zo door.  Maar op nog even terug te komen op vroeger, paarden waren toen voor de doorsnee boer een rijk bezit. Ze moesten al het zware werk verrichten. Met andere woorden: ze waren voor de boer de bron van inkomsten. Tractoren, het woord alleen al, kende men niet. Van vroeg tot laat waren paard en baas in de weer. Daarom was het belangrijk dat een paard niet alleen goede voeding kreeg, maar dat ook regelmatig zijn hoeven vernieuwd werden. Zoals wij onze schoenen moeten vernieuwen, zo moet een paard minstens om de zes à acht weken nieuwe hoefijzers hebben. Gebeurt dat niet, dan krijgt het dier last en kan het zelfs kreupel gaan lopen. Vroeger had je ook veel van die Belgische werkpaarden, nu zie je ze hier niet veel meer, die zo lekker liepen te sloffen. Die waren zeker elke twee weken aan nieuwe hoefijzers toe.

“Het is nu allemaal wel wat minder geworden. Alleen aan het paarden beslaan zou ik geen droge boterham meer verdienen, gezien deze dure tijd. Maar toch haal ik elke week nog wel een aardig aantal. Ik ben hier in deze omgeving de enige die dit werk nog doet. Vandaar dat de boeren uit de omliggende dorpen nog allemaal hun paarden door mij laten beslaan”. Op dat moment komt één van de boeren uit de omgeving met z’n paard. Wij vallen met onze neus in de boter, want we kunnen nu met eigen ogen zien hoe dat beslaan precies in z’n werk gaat. Het paard doet een beetje schichtig, kennelijk omdat er buitenstaanders bij zijn. Zachtjes wordt het de hoefstal ingeleid. Een hoefstal is een stevig soort hekwerk, waar het paard helemaal vaststaat. Het hoofd wordt dan aan weerszijden met een touw vastgebonden. Hierdoor kan het moeilijk bijten, als het daar zin in zou hebben. De benen worden ook bij elkaar gebonden om te voorkomen dat het paard zal gaan schoppen. Als de smid zover is, wordt  één van die touwen verwijderd en kan één van de benen op een soort voetenbankje gelegd worden, dat voor en achter aan de stal bevestigd is. Het paard wordt hierdoor minder moe van het staan op drie benen. Men begint met de oude hoef te verwijderen. De nijptang doet hier wonderen. Als het ijzer eraf is kun je goed zien, dat het beest er inderdaad veel mee gelopen heeft, want het is helemaal afgesleten. Zoals de mens regelmatig zijn nagels moet knippen, wil hij er geen last van krijgen, zo gaat men bij het paard met hamer en beitel het hoorn afsteken. Dat is iets wat minstens zo belangrijk is als het vernieuwen van de hoefijzers. Wordt het niet bijgehouden, dan kan het hoorn op den duur ook in het vlees gaan groeien. Met het gevolg dat het dier kreupel wordt. Hier geldt ook alweer hetzelfde als voor de mens: op je onderdanen moet je zuinig zijn, ze moeten je de hele dag dragen. Het verschil tussen mens en paard is echter, dat een paard afhankelijk is van de mens, zijn “werkgever”.  Ondertussen is het vuur aangestoken. Het is één van die zaken waarbij het oude plaats heeft moeten maken voor het nieuwe. Een elektrisch aangedreven motor blaast het vuur aan en houdt het op constante hitte. Met de blaasbalg die vroeger gebruikt werd ging dat moeilijker; er kwam heel wat mankracht aan te pas om het vuur constant te houden. Ook de nieuwe hoefijzers die in het vuur gelegd worden zijn geen handwerk van de smid meer. Dit werk zou zo tijdrovend en kostbaar worden dat een baard beslaan een vermogen zou gaan vergen. De hoefijzers komen in gangbare maten, jawel, ook hier zijn er maten, van de fabriek. Na een paar minuten haalt de smid één van de gloeiend rode ijzers uit het vuur en slaat op het aambeeld de ruwste randjes eraf. Daarna brengt hij het nog gloeiend warme ijzer op de hoef aan. Een enorme schroeilucht en een rookwolk omgeven ons als het ijzer de hoef raakt. Na gekeken te hebben of er nog wat bijgeschaafd moet worden haalt de heer vd Kuil het ijzer er weer af. Het past mooi. Hierna wordt het ijzer eventjes ondergedompeld in water. En weer wordt het op de hoef geplaatst. Ditmaal definitief. Dan komen de nagels er nog aan te pas, een speciaal soort lange spijkers. Dat vastzetten van het hoefijzer is iets wat vakkundig moet gebeuren. De nagels mogen niet in de oude gaten terecht komen, want dan zouden de ijzers na korte tijd weer gaan loszitten en kan het paard ze zelfs verliezen. Maar ze mogen ook niet te hoog of te laag zitten, want dat zou het paard weer kreupel kunnen maken. Na anderhalf uur is het gebeurd en heeft het paard weer vier keurige nieuwe hoefijzers, waar het weer zo’n zes weken mee kan doen. Je hoort het paard bijna een zucht van opluchting slaken. Hoewel de heer vd Kuil zegt dat het beest totaal geen pijn leidt, mits het maar vakkundig gedaan wordt. We zijn ook nieuwsgierig naar wat dit nou allemaal gekost heeft. Dat valt heel erg mee: 30 gulden (toevoeging: in 2010 is dat zo’n 14 euro) voor vier nieuwe hoefijzers, inclusief arbeidsloon. Daar kun je je auto geen beurt voor laten geven. Zelfs een paar schoenen is duurder. Als we dit zeggen, lacht de heer vd Kuil en zegt dan: “Toch is dit vele malen het bedrag dat de boeren jaren geleden voor dit karwei moesten betalen. U ziet het, ook dit werk kon niet aan de prijsverhogingen ontkomen”. Het paard draaft inmiddels opgewekt de smederij uit op weg naar het werk dat wacht. Als we vertrekken is ook het vuur gedoofd, maar ongetwijfeld niet voor lang, want er zijn in de omgeving nog genoeg paarden die nodig weer van nieuwe hoefijzers voorzien moeten worden. Nou bij de heer vd Kuil kunnen ze terecht. Al 33 jaar lang.

Updated: februari 11, 2015 — 2:23 pm

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.